Fictief rendement blijft 4 procent

Fictief rendement blijft 4 procent

Staatssecretaris Weekers van Financiën houdt het fictieve rendement op 4 procent in box 3. Uit cijfers van het CBS blijkt dat de gemiddelde rentevergoeding op spaartegoeden in 2008 1,9 procent was en vorig jaar 2,2 procent. Veel lager dus dan de fictieve 4 procent. Volgens Weekers is bij de introductie van de vermogensrendementsheffing het forfaitaire rendement gesteld op 4 procent met het rendement op staatsobligaties als benchmark. Er is gekozen voor een langjarig vaststaand gemiddeld forfaitair rendement, omdat de opbrengst van box 3 hierdoor solide en vrij constant is. Hij zegt ook het geld niet te hebben om het forfaitaire rendement te kunnen verlagen. Anders dan veel andere Europese landen kent Nederland geen vermogenswinstbelasting. Bij de belastingherziening in 2001 is bewust niet gekozen voor vermogenswinstbelasting omdat dat zou leiden tot grote administratieve lasten en uitvoeringskosten. Ook zou ontwijkgedrag minder makkelijk tegengegaan kunnen worden dan bij een forfaitaire vermogensrendementsheffing. De conclusie: het fictieve rendement van 4 procent in box 3 blijft bestaan.

Geen reacties

Plaats een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd